Leestijd: 5 minuten
De begrippen 'patchkast' en 'serverkast' worden vaak door elkaar gebruikt. En dat is begrijpelijk, want de kasten lijken sterk op elkaar. Toch is er een relevant verschil dat bepaalt welke kast je nodig hebt. Koop je de verkeerde kast, dan heb je óf een thermisch probleem óf een stofprobleem. In dit artikel leggen we precies uit wat het verschil is tussen een patchkast en een serverkast en geven we je een concrete keuzehulp.
Na het lezen ken je het verschil en weet je wanneer je welke kast kiest.
Wat hebben een patchkast en serverkast gemeen?
Zowel de patchkast als de serverkast zijn 19 inch kasten. Dat betekent: beide hebben hetzelfde gestandaardiseerde montageprofiel van 19 inch (48,26 cm), vastgelegd in de internationale IEC-norm 297. Alle apparatuur met een 19 inch bevestigingsprofiel, zoals servers, switches, patchpanelen, UPS-systemen, kabelmanagers, past in beide kasttypen. De hoogte-eenheden (U), de breedte-opties (600 of 800 mm) en de diepte-varianten zijn identiek.
Constructief gezien zijn de kasten gelijk:
- stalen frame
- verstelbare 19 inch montageprofielen
- afsluitbare deuren
- uitneembare zijpanelen
- stelvoeten
Het verschil zit in de deuruitvoering. En die keuze heeft alles te maken met wat je in de kast opbergt.
Het verschil: de deur bepaalt alles
Een patchkast heeft een gesloten glazen of stalen voordeur en meestal een gesloten achterdeur. Een serverkast heeft een geperforeerde voor- en achterdeur. Dit verschil heeft grote praktische gevolgen.
De glazen deur van een patchkast sluit de kast af tegen stof, dempt geluid van actieve apparatuur en geeft direct zicht op de bekabeling en statuslampjes van switches en patchpanelen zonder de deur te openen. Omdat deze netwerkapparatuur geen of relatief weinig warmte produceert, zijn de weinige ventilatieopeningen rondom voldoende.
De geperforeerde deur van een serverkast is een bewuste thermische keuze. Servers, storage-systemen en andere actieve hardware produceren aanzienlijk meer warmte. De perforaties laten koude lucht in aan de voorzijde en warme lucht ontsnappen aan de achterzijde. Zonder die ventilatie bouwt warmte op in de kast. En dat leidt tot oververhitting en hardwarestoringen.

Wanneer kies je een patchkast?
Kies een patchkast als de kast uitsluitend of voornamelijk gevuld wordt met passieve netwerkapparatuur: patchpanelen, switches, routers en kabelmanagement. Dit is de standaard voor de meeste kantoornetwerken, installatieprojecten en thuisnetwerken waarbij geen zware serverhardware aanwezig is.
De glazen deur is in deze situaties een voordeel: je ziet de statuslampjes van switches zonder de kast te openen, wat storingen sneller detecteerbaar maakt. Bovendien ziet een patchkast met glazen deur er netjes uit in een kantooromgeving en dempt hij het geluid van actieve ventilatoren in switches.
Wanneer kies je een serverkast?
Kies een serverkast zodra je servers, storage-systemen of andere warmte producerende hardware in de kast plaatst. Servers hebben koeling nodig. De geperforeerde deuren zijn geen optie, maar een vereiste. Zonder adequate ventilatie is oververhitting een reëel risico met directe schade aan de hardware als gevolg.
Serverkasten worden ook gebruikt in datacenters en computerruimtes waar de omgevingskoeling (airconditioning) de warmteafvoer ondersteunt. In dat geval kunnen ook relay racks worden ingezet. Dat zijn open frames in 19 inch zonder wanden en deuren die maximale luchttoevoer bieden.
Kan ik servers in een patchkast plaatsen?
Technisch gezien past een server in het 19 inch profiel van een patchkast omdat de montagebevestiging identiek is. Maar de glazen deur blokkeert de warmteafvoer die servers nodig hebben. Om te hoge bedrijfstemperaturen en een verhoogde kans op storingen te voorkomen, plaats je in dit geval een ventilator unit in de patchkast. De ventilator zorgt ervoor dat de warme lucht sneller uit de kast wordt geleid. Bovendien kun je ook nog een extra rack-ventilator direct boven een warmte producerend apparaat plaatsen.
Veelgemaakte fouten bij de keuze tussen patchkast en serverkast
✖ Fout 1: Een patchkast kopen voor een opstelling met servers omdat die ‘mooier oogt’
De glazen deur is esthetisch aantrekkelijk, maar thermisch minder voor servers. Prioriteit: functie boven uitstraling.
✖ Fout 2: Een serverkast gebruiken voor een puur passieve installatie
Geperforeerde deuren laten meer stof in dan glazen deuren. In een kantooromgeving accumuleert stof sneller op apparatuur, wat op termijn de levensduur beïnvloedt.
✖ Fout 3: Vergeten dat een gemengde kast altijd de serverkast-logica volgt
Zodra een aanzienlijk deel van de kast bestaat uit warmteproducerende apparatuur, is een serverkast meestal de betere keuze. Kies je toch voor een patchkast, dan is een ventilator een must.
Snel kiezen: twee vragen
Vraag 1: Bevat de kast servers of andere warmteproducerende hardware?
Ja → serverkast met geperforeerde deuren.
Nee → patchkast met glazen deur.
Vraag 2: Staat de kast in een kantooromgeving waar geluid en uitstraling een rol spelen?
Een patchkast met glazen deur dempt geluid beter en oogt professioneler in een kantooromgeving dan een serverkast.
Veelgestelde vragen over server- en patchkasten
|
Het verschil tussen een patchkast en een serverkast is klein maar bepalend: de deur. De keuze is geen esthetische voorkeur, maar een functionele beslissing gebaseerd op de warmteproductie van de apparatuur in de kast. Ken je de inhoud van de kast, dan weet je altijd welke deur je moet kiezen.
→ Bekijk het volledige patchkast- en serverkasten-assortiment. Twijfel je welke afmeting je nodig hebt? Lees dan onze blog Hoe groot moet een serverkast zijn? |




